‘We nemen je op in het ziekenhuis’

‘We nemen je op in het ziekenhuis’

Al een lange tijd had ik last van wat vage klachten. Ik had veel dorst, moest ontzettend vaak plassen, had minder energie en was al een paar maanden niet ongesteld geworden. Toen de weegschaal voor de vakantie drie kilo minder aangaf, was het duidelijk: ik moest even langs de dokter!

Ik moest bloed laten prikken om te laten onderzoeken. Toen een paar dagen later de uitslag bekend was, werd ik naar het ziekenhuis doorgestuurd. Ik had suikerziekte en moest die week nog behandeld worden.

Naar het ziekenhuis

Samen met mijn moeder ging ik naar het ziekenhuis. ‘Een beetje overdreven’, dacht ik. Ik kan alles nog en voel me op zich prima. In het ziekenhuis werd mijn bloed en urine onderzocht. Mijn suikerwaarde was 40 en ik was behoorlijk verzuurd. De verpleegkundige vertelde me dat ik werd opgenomen in het ziekenhuis.

Bam. Dat had ik niet zien aankomen. Ik in het ziekenhuis? Maar ik ben toch niet ziek? Ik voel me prima. Ik dacht dat ik gewoon een spuit kreeg of wat pillen en naar huis zou kunnen. Helaas, zo makkelijk gaat het niet met suikerziekte.

Ik keek verbaasd naar de verpleegkundige die me op kwam halen met een rolstoel. ‘Ik kan gewoon lopen hoor’, vertelde ik haar, ‘ik voel me prima.’ 

De verpleegkundige bracht me naar de AOA afdeling, eigenlijk een afdeling voor hartpatiënten. Ik kwam op een zaal met 4 oude mannen te liggen. Er werd gelijk een infuus aangesloten met 4 liter vocht en insuline. ‘Je zal wel vaak moeten plassen vannacht’, zei de verpleegster. Dat wil wel ja, met 4 liter extra vocht plus alles wat ik zelf nog drink!

Mijn moeder ging mijn slaapspullen halen en mijn lieve vriendin Rosanne kwam langs om me gezelschap te houden. Gelukkig, want het ziekenhuis is behoorlijk saai!

20287_883907875019144_6804410145082590037_n

Die nacht heb ik geen oog dicht gedaan. Er ging van alles door mijn hoofd. Voor de eerste keer in mijn leven lag ik in het ziekenhuis. Ik lag aan een infuus. Om de twee uur werd mijn bloed geprikt en gecheckt. De oude man tegenover mij snurkte enorm. De zusters kwamen af en toe binnen om medicijnen bij mensen te brengen en infusen te verversen. Een ambulance kwam binnen en een man kwam terug van zijn operatie.

Uiteindelijk was het dan 6 uur en werden alle standaard controles uitgevoerd. Bloeddruk, temperatuur, en natuurlijk weer mijn suikerwaarde. Ik was netjes gedaald naar 10.

Je gaat je bijna ziek voelen, als je in het ziekenhuis ligt. Zo wordt je natuurlijk ook een beetje behandeld. Mijn ontbijt werd gebracht terwijl ik op het knopje van mijn bed drukte om mijn bed om te toveren tot een zit-bed. Best comfortabel, dat wel.

Suikerziekte

Mijn moeder was alweer op tijd in het ziekenhuis. De dokter kwam langs om vast te stellen dat ik suikerziekte heb. Zo. Vanaf toen had ik dus ‘officieel’ suikerziekte type 1. Mijn leven lang. Voor altijd.

Ik was er vrij nuchter onder. Zoiets hadden we al wel verwacht en ik had me er al een beetje op voorbereid. Maar toen de diabetes verpleegkundige met een grote doos aan kwam zetten moest ik toch wel even slikken. Zoveel spullen, heb ik dat allemaal nodig?

Ze legde me uit wat het betekende dat ik suikerziekte had. Ik zou voortaan vier keer per dag insuline moeten spuiten. ‘Je leven gaat behoorlijk veranderen,’ zei ze, ‘bij alles wat je eet en drinkt moet je nadenken.’

Ze legde me uit hoe ik mezelf moest prikken en hoe ik mijn suikerwaarde moet meten. Daarna liet ze zien hoe een insulinepen werkte en moest ik het zelf proberen.

Ik zette de pen in mijn buik en drukte op het knopje. Zo. Nu heb ik dus weer een beetje insuline. Het viel best mee. De prik doet geen pijn en het gaat best makkelijk. De diabetes verpleegkundige had haast en was al snel weer weg.

In een boekje moet ik elke keer voor het spuiten mijn waardes opschrijven en de hoeveelheid insuline die ik spuit. ‘Als je zelf kan spuiten, mag je naar huis,’ zei de verpleegkundige. ‘Dat lukt wel hoor’, zei ik, ik wilde zo snel mogelijk weer naar huis! De verpleegster vond het maar dapper van me dat ik zo snel zelf al durfde te spuiten. Om drie uur mocht ik eindelijk naar huis.

Weer even thuis 

Blij dat ik eindelijk weer wat kon doen, ging ik die avond lekker een rondje skeeleren. ’s Avonds spoot ik per ongeluk mijn insuline in mijn buik in plaats van mijn been, maar dat was niet erg. Overdag moet het in mijn buik, voor het slapen gaan in mijn been.

Ik mocht niet werken van de dokter, maar vermaakte me prima. Ik werd de volgende dag met een prima waarde wakker. Ik belde naar het ziekenhuis om mijn waardes door te geven en ik kreeg mijn nieuwe hoeveelheden insuline door. Allemaal prima.

Terug naar het ziekenhuis

Tot ik die avond voor het eten mijn bloedsuiker wilde meten. ‘HI’ gaf het apparaatje aan. En dat was geen vrolijke welkomstgroet, maar een waarschuwing. Mijn bloedsuiker was te hoog om te meten.

Oh. Euh ja, en nu? Daar waren we niet op berekend. Ik belde het ziekenhuis en ze vertelde me dat ik even langs moest komen. Ach ja, waarom ook niet. Voor de zekerheid nam ik gelijk mijn slaapspullen mee. ‘Zal ik wel niet nodig hebben’, dacht ik, ‘vanavond ga ik weer naar huis.’

Helaas, mijn suiker werd in het ziekenhuis gemeten en het was weer gestegen naar 38. ‘Je moet weer een nachtje hier slapen’, vertelde de verpleegster me. Ze bracht me deze keer naar een privé-kamer. Een kamer helemaal voor mezelf! Dat was wel even anders dan een zaal met een stel oude mannen.

Ik kwam weer aan het infuus te liggen en nestelde me in bed. Die avond zat ik al snel weer op 9. ‘Oh, nu kan ik best weer naar huis’, dacht ik. Maar helaas, dat kon niet zomaar.

Meer uitleg

De volgende ochtend kwam de diabetes verpleegkundige om meer uit te leggen. De vorige keer had ze te weinig tijd en was er maar weinig aan me uitgelegd. Ze vertelde me dat ik tussen mijn spuiten in, geen of bijna geen insuline heb. Ze noemde het ‘gaten’ in mijn insuline. Als ik dus iets zou eten, had ik geen insuline om het te verwerken. Mijn bloedsuiker schiet dan omhoog. Dat wist ik niet. Ook niet dat zelfs een gezonde smoothie met fruit, je bloedsuiker flink laat stijgen.

Nu weet ik hoe het werkt. Ze heeft me meer uitgelegd en verteld wat ik mag doen als mijn waardes heel hoog zijn. Ik mag nu zelf extra bijspuiten en vaker meten om te leren hoe mijn lichaam werkt. Het skeeleren vond ze geen goed idee, voorlopig moet ik nog heel rustig aan doen met sport.

En nu?

Ik moet nog worden ingesteld op de insuline en moet nu dus erg goed opletten met eten en goed naar koolhydraten kijken. Over een tijdje zal ik een ‘basis’ insuline hebben opgebouwd en kan ik weer iets normaler eten. Ik kan na mijn spuiten gewoon eten, maar tussendoor mag ik geen koolhydraten eten, omdat ik dan nog geen insuline heb om het te verwerken.

En daar zit ik nu dan. Met een laptop bomvol opgeslagen recepten. Een fitness schema voor in Tilburg. Maar wat kan ik ermee? Ik weet het niet. Voorlopig moet ik rustig aan doen. Ik mag nog niet fanatiek gaan sporten en het zal nog wel even duren voordat ik weer 4 tot 5 keer in de week mag fitnessen. Ik kan nog best bakken, maar niet zomaar meer even proeven of uitproberen. Altijd eerst checken. Vanaf nu draait alles om suikerwaardes, waardes, waardes.

Dit is in het kort wat er de afgelopen week is gebeurd. In een ander artikel zal ik wat meer schrijven over wat de ziekte nu precies inhoud.

Bedankt!

Ik wil graag iedereen heel erg bedanken voor de lieve en steunende berichtjes. Heel lief en fijn dat er mensen met me meeleven!

Strip_mei

Facebook Comments


7 thoughts on “‘We nemen je op in het ziekenhuis’”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *